Testen en de 3 soorten bevindingen

Tijdens het testen kan je 3 soorten bevindingen tegenkomen. In dit blog vertel ik welke drie bevindingen. Zo kan je efficiënter de gevonden bevinding registreren.

Welke drie bevindingen zijn er?

  • de bevinding die bij de betreffende story hoort
  • de bevinding die niet bij de betreffende story hoort maar wel in deze sprint behoort
  • de bevinding die helemaal niets te maken heeft met waar je in deze sprint mee bezig bent.

De bevinding bij de betreffende story

De eerste is een voor de hand liggende soort bevinding maar wel noemenswaardig: de bevinding die bij de betreffende story hoort.

De bevinding die niet bij een story hoort maar wel in de sprint

Deze bevinding hoort in deze sprint. Bijvoorbeeld: je bent een nieuwe template aan het testen op component niveau (story 1) en de afbeelding die je ziet in de template is de verkeerde afbeelding. Dit moet een afbeelding zijn voor de desktop en je ziet de afbeelding voor de tablet (story 2). Dan hoort deze bevinding die je hebt gevonden tijdens het testen van story 1 bij story 2. Zo kan je deze bevindingen registreren.

De bevinding die helemaal niets te maken heeft met deze sprint

Dat kan ook voorkomen. Het doel in de sprint is om een nieuwe onderdeel van de website de front end te testen. Laten we zeggen dat het hier gaat om de front end van een videoplatform. Tijdens het testen kom je toevallig op een ander onderdeel van de website waar je dan ziet dat daar een formulier mist. Dit is dan een bevinding die niet in de sprint hoort maar wel opgelost moet worden. Met de scrummaster, lead developer of PO kan je overleggen wat je gaat doen met deze bevinding. Wel of niet fixen in deze sprint?